| |
De lage winterzon schijnt op de zwarte ijsvloer van het Jisperveld. Gouden
rietkragen staan bewegingloos in de windstilte. Op een streek grasland
is een boer bezig mest te verpompen. Het gebrom draagt tot in de wijde
omtrek in dit lage land. De natte hooi- en weilanden, omgeven door duizend
sloten en poelen, zijn het domein van vele soorten beschermde vogels:
kemphanen, lepelaars, smienten, roerdompen en grutto’s.
Het vermaarde agrarische natuurgebied Wormer- en Jisperveld is één
van de grote baggerprojecten van Hollands Noorderkwartier. De waterkwaliteit
in het veenweidegebied is sterk verslechterd. Het watersysteem heeft in
de loop van de jaren veel bagger geproduceerd en er is sprake van algenbloei.
In totaal moet 2,2 miljoen kuub bagger uit het water worden gehaald. Het
uitgangspunt is dat de specie lokaal wordt geborgen. Op de percelen van
pachtboeren en van Natuurmonumenten. Een deel van de bagger wordt in depots
gezet.
Het is een grootschalige en complexe operatie, vertelt projectleider Karsten
Hopman van Hollands Noorderkwartier. Alleen al door de grootte van het
gebied. “Als je rond het gebied heen wil rijden, zit je ruim een
uur in de auto.” De financiering is nog niet voor het gehele project
rond en het is een taaie klus om de vergunningen voor de baggerdepots
te verkrijgen. Ook de veenbodem maakt het baggeren lastig. “We hebben
te maken met hele dunne bagger met de neiging om aan de wandel te gaan.
Een uitgebaggerd perceel ligt na twee flinke stormen weer vol. Dat lossen
we op door het plaatsen van baggerschermen.” De slappe veenbodem
vergt een speciale baggertechniek. Niet op de traditionele wijze met een
kraan maar met speciale baggerzuigers.
Het hele karwei moet in 2012 klaar zijn. De totale kosten zijn geraamd
op zeker 7,5 miljoen euro. Het geld komt van de verschillende partners
die in het project Wormer- en Jisperveld samenwerken: Laag Holland, Natuurmonumenten,
de provincie Noord-Holland, de gemeente Wormerland en Hollands Noorderkwartier.
De partners zoeken in alle mogelijke potjes en fondsen naar middelen om
het project spits te krijgen.
Hopman legt uit dat het gebied is opgedeeld in vijf blokken. De werkzaamheden
zijn begonnen in de zuidoostpunt van het gebied. “Een klus die we
hebben opgedeeld in twee percelen. Van het eerste perceel kunnen we de
bagger op de kant zetten. We denken dit projectdeel in maart van dit jaar
af te ronden. De baggerspecie van het tweede perceel moeten we bergen
in depots. Voor het aanleggen daarvan wachten we nog op de vergunningen.
Daar zitten allerlei vereisten aan: we moeten onderzoek doen naar de bodemgesteldheid
en naar archeologie. Op één locatie zitten waarschijnlijk
bodemschatten. Op zich geen probleem: het werkt alleen maar conserverend
als je daar een depot op aanlegt, maar het betekent wel dat we de grond
voor de bedijking van elders moeten aanvoeren. Dat leidt tot onrust bij
bewoners die er niet veel voor voelen dat er honderden vrachtwagens met
grond door hun straten denderen.” Ook het op de kant zetten van
bagger vergt veel overleg. Vooral met de boeren die daarvan hinder ondervinden.
Opzichter Maarten Janssen van bureau Oranjewoud moet soms al wat hij maar
voor handen heeft aan diplomatie en charme uit de kast halen om ervoor
te zorgen dat het werk kan doorgaan. “We werken op veel plaatsen
met een Watermaster – een varende baggerspuit – die de natte
specie over het land spuit. Veel boeren vinden dat maar niks omdat het
land daar aanvankelijk erg nat door wordt. Door het hier en daar op een
klein perceeltje te laten zien, probeer ik ze over de streep te trekken.
Soms zeggen boeren: ik vind het prima, maar kom van de zomer maar terug.”
De tijdspanne waarin de aannemer kan werken is toch al beperkt.
In het broedseizoen van 15 maart tot 1 augustus ligt het werk
stil. Ook bij ijs op de sloten zwijgen de baggerspuiten.
In het gebied wordt alle slappe bagger weggehaald. Veel meer
dan voor de aan- en afvoer van het water noodzakelijk zou zijn.
Het baggerproject is ook en vooral van belang voor de waterkwaliteit.
Ook voor de recreatie in het gebied is het noodzakelijk
om te baggeren. Het kan de bewoners daarom niet snel genoeg
gaan. Hopman: “Een poos geleden hingen overal posters voor de
ramen met de slogan: niet praten maar baggeren. Op zich ben ik
het er hartgrondig mee eens maar tussen droom en daad…”
|
|